Dexia Zaken - vervolg

 
Medio april 2007 heeft de rechtbank Amsterdam, sector kanton, locatie Amsterdam, een aantal vonnissen gewezen, welke als modelvonnissen kunnen worden beschouwd. Men kan  op grond van die vonnissen nagaan wat de uitkomst van een eventuele procedure zou kunnen zijn.
 
Van belang zijn de verschillende categorieën die de rechtbank Amsterdam, sector kanton hanteert. De indeling is gebaseerd op de gegevens van de Dexia-klant met betrekking op de situatie ten tijde van de totstandkoming van de lease-overeenkomst(en). De persoonlijke omstandigheden zijn dan ook van groot belang. De verschillende categorieën zijn:
 
  •  Categorie 1: 75% tot 85% van het nadeel voor rekening van Dexia, en het resterend percentage voor rekening van de afnemer. Deze categorie geldt voor afnemers die aan de volgende voorwaarden voldoen: geen enkele beleggingservaring en geen of nagenoeg geen vermogen en netto gezinsinkomen minder dan € 15.000,00 per jaar (€ 1.250,00 per maand) en laag opleidingsniveau en geen voor beleggen relevante beroepservaring.

  • Categorie 2: 55% tot 65% van het nadeel voor rekening van Dexia, en het resterend percentage voor rekening van de afnemer. Dit is de categorie voor een ieder die niet onder één van de andere categorieën valt.

  • Categorie 3: 30% tot 40% van het nadeel voor rekening van Dexia, en het resterend percentage voor rekening van de afnemer. Deze categorie geldt voor afnemers die aan de volgende voorwaarden voldoen: geen relevante beleggingservaring en vermogen minimaal 1x de lease-som en/of het jaarlijks netto gezinsinkomen zowel meer dan € 15.000,00 als meer dan 2/3 deel van de lease-som.

  •  Categorie 4: 5% tot 15% van het nadeel voor rekening van Dexia en het resterend percentage voor rekening van de afnemer. Deze categorie geldt voor afnemers die aan de volgende voorwaarden voldoen: redelijke beleggingservaring (open norm) en vermogen minimaal 1x de lease-som en/of het jaarlijks netto gezinsinkomen zowel meer dan € 15.000,00 als meer dan 2/3 deel van de lease-som. Bron: onder andere uitspraak d.d. 27-04-2007 Rechtbank Amsterdam, sector kanton, locatie Amsterdam (DX 06-2743).
Onder het in aanmerking te nemen nadeel, wordt verstaan het totaalbedrag van alle volgens de overeenkomst verschuldigde maandelijkse termijnen gedurende de looptijd van de lease-overeenkomst, althans tot het moment dat de overeenkomst met betrekking tot de renteverplichtingen boetevrij beëindigd kon worden, te vermeerderen met het nog niet afgeloste deel van de hoofdsom van de geldlening en te verminderen met de opbrengst van de geleasde effecten en met de aan de afnemer uitgekeerde dividenden.
 
Hierbij merk ik op dat bij het ontbreken van een schriftelijke toestemming van de echtgenoot of echtgenote, de echtgenote of respectievelijk echtgenoot de bevoegdheid heeft om een beroep te doen op art. 1:88 BW (vernietigbaarheid). Dat blijkt ook uit het arrest van het Hof Amsterdam d.d. 1 maart (LJN:AZ9721). De verjaringstermijn voor een dergelijk beroep is 3 jaar en vangt aan op het moment dat degene aan wie de bevoegdheid toekomt bekend wordt net de overeenkomst.
 
mr. M.A.C. Backx
februari 2008